Troostradio 'Pinkstergeest' 1 juni 2020

Deze bijdrage is verzorgd door ds. Martin de Geus, voorganger in de Levensbron.

U kunt dit fragment beluisteren via:

https://www.rtvridderkerk.nl/radiotv/troostradio-pinkstergeest/

Pinkstergeest

Alle christelijke feesten wortelen in joodse feesten, waar ze een eigen draai aan geven. Ook Pinksteren dat letterlijk Vijftigste betekent. En Pinksteren wordt dan ook gevierd op de vijftigste dag na Pasen. Dan zijn er dus precies zeven Paasweken voorbij. En in het jodendom heet Pinksteren daarom ook Sjawoe’ot oftewel het Wekenfeest. En vanouds heeft dat feest een dubbele betekenis. 

Zo is het om te beginnen het eerste oogstfeest in een jaar. Want later in het jaar is er nog een tweede oogstfeest, in de herfst, als de hele oogst voor de winter binnen is. Dat is Soekot, het Loofhuttenfeest. Maar, lezen we in Exodus 23, ook in het begin van de zomer moeten de ‘eerstelingen’, de vroegste opbrengst van het land, als een dankoffer naar de tempel worden gebracht. En ook dat dankoffer bestond dan weer – u raadt het al – uit zeven soorten vruchten: tarwe en gerst, druiven, vijgen en granaatappels, olijven en honing. 

Dat had allemaal met de sabbat te maken, de dag van de Heer, de Schepper van het leven, die zorgt dat we ook te eten hebben, en die we daar ook niet genoeg voor kunnen danken. Dat is de ene betekenis van Pinksteren: dat we vieren dat God heel zijn schepping tot zegen is en blijft. Maar dan moet juist de mens ook wel leven in zijn geest. Anders gaat het met die schitterende schepping alsnog verkeerd. En om dat te voorkomen heeft God ons ook de nodige ‘richtlijnen voor het goede leven’ gegeven. 

Laat ik ze zomaar even noemen: al zijn ‘geboden’, samengevat in de Tien geboden, die vast iedereen nog wel kent en die in hoofdzaak om twee waarden draaien. Namelijk vrijheid en liefde. De vrijheid om onszelf te zijn, vrij van slavernij, verslaving en dwang – en vrij tot onderlinge hulp, en zorg voor alles wat leeft. En liefde tot God, de naaste, onszelf en de aarde. Als iedereen zich daar aan toewijdt, scheppen we zelf het paradijs, de wereld van geluk, waar we al zo lang naar onderweg zijn. Dat viert het joodse Pinksterfeest: die Gezegende Toekomst die we zelf in handen hebben. Het punt is alleen dat we die kans door heel de geschiedenis heen telkens weer verprutsen. 

En daarom viert het christelijke Pinksterfeest ook nog iets heel anders: dat God ons niet alleen zijn Woord heeft gegeven, maar in Jezus ook een Mens, de nieuwe Adam, die dat Woord tot in de puntjes toe heeft voorgeleefd. En die Mens, die is er niet meer, tenminste niet lijfelijk. Maar zijn Geest is nog overal, uitgestort op alle mensen, van welk geloof dan ook, klaar om ons die vrijheid en liefde van binnenuit eigen te maken. 

Hoe mooi wil je het hebben! Want dat betekent dat het kan: dat we niet alleen de coronacrisis uitzitten, maar dat we nu al samen kunnen broeden op een nieuw soort samenleving – eerlijker, groener en warmer dan de vorige.  Ja, het kan. Laten we daarom de Pinkstergeest alle ruimte geven, om te beginnen in ons eigen hart. Dan hebben we ondanks alles nog een schitterende zomer voor ons.