Troostradio 'Oberammergau' 20 april 2020

Uitgesproken door ds. M. de Geus op maandag 20 april 2020 via Troostradio bij RTV Ridderkerk 

 

https://www.rtvridderkerk.nl/radiotv/troostradio-oberammergau/

Oberammergau  

Het telt maar goed zesduizend inwoners: het Zuid-Duitse dorpje Oberammergau. Maar het heeft een theater voor wel bijna vijfduizend mensen. Bovendien heeft dat theater een openluchtpodium voor meer dan duizend acteurs. En dan nog is het veel te klein voor het passiespel dat er om de tien jaar wordt opgevoerd. Want de laatste keer, in 2010, deden daar maar liefst 2400 mensen aan mee, allemaal afkomstig uit het dorp. En dus bijna de helft had wel een rol. Al een jaar tevoren worden die verdeeld, laten de mannen hun baard staan, en volgen de kinderen op school een aangepast programma.

Dat gaat al zo sinds 1634. Toen heerste namelijk de builenpest. En ook in Oberammergau stapelden de doden zich op. Toen kwam er iemand met een idee: laten we God beloven iedere 10 jaar een toneelstuk op te voeren over het leven van Jezus. En laten we dan bidden dat we dat voor altijd zullen volhouden.

Dat deden ze inderdaad. En het verhaal gaat dat nadien geen enkele inwoner nog ziek werd. Sterker nog: degenen die al ziek waren, werden genezen. Dus een geweldig wonder. En ik zei het al: het is een verhaal. Maar het heeft dus zeker een historische kern. En je kunt je dan ook voorstellen dat de mensen hoog opgaven van de kracht van het gebed. Net zoals veel mensen dat ook vandaag nog doen. Ik denk bijvoorbeeld aan het voorstel om samen tegen de Corona een miljoen keer het Onze Vader te bidden.

Vast goed bedoeld. Maar werkt het zo ook echt? Eerlijk gezegd krijg ik er persoonlijk de kriebels van. Zei Jezus niet dat het gebed iets is voor in je binnenkamer? En dat je ook geen omhaal van woorden moet gebruiken. Dat het gebed iets is tussen jou en God. En dat het zich dus ook niet leent voor allerlei magische bijgedachten.

Nee, bid gewoon wat je op je hart hebt. En heb er dan vertrouwen in dat God je hóórt. Wat iets anders is dan dat hij al je wensen zou vervullen. Want dat deed hij zelfs bij Jezus niet, toen die in de hof van Getsemané bad: ‘Vader, als het kan, laat dan deze beker aan mij voorbijgaan’. Maar hij zei er zelf al bij: ‘Niet mijn wil geschiede, maar de uwe’.

En net zo bad ook Paulus tot drie keer toe of God hem wou bevrijden van een ‘doorn in zijn vlees’. Maar wat die doorn ook was, Paulus moest ermee leren leven. Dus is God alvast geen hemelse wonderdokter die al onze kwalen in een handomdraai geneest. Maar wat hij wèl doet: hij is erbij, en hij hoort ons aan, en geeft ons moed en krachten. Of zoals hij Paulus antwoordde: ‘Mijn genade is jou genoeg’.

Dat wil zeggen: wat er ook gebeurt, al word je ziek of beland je in het ziekenhuis – God gaat met je mee. En zijn liefde is sterker dan de dood. Kijk maar naar Jezus. Want ja, hij moest zijn beker leegdrinken. Maar met Pasen stond hij op, in de kracht van Gods liefde.

 Dat is bidden: je die liefde van God te binnen brengen, en dáármee leren leven.